logo Vereniging van Vrienden van Modern Glas
                   
Home Over ons Nieuws Agenda Fjoezzz Activiteiten Aanmelden Contact Links Nationaal Glasmuseum
       
  Activiteiten introductie
   
  Bernardine de Neeveprijs
   
 
  Geselecteerden 2018
   
    Archief Bernardiene de Neeveprijs
   
  Lustrumvieringen
   
  Winkel
   
  Vraag en aanbod
   
  Ledenobjecten
   
  Atelierbezoek
   
  Incidentele activiteiten
   
   
   
 
Bernardine de Neeveprijs 2018
Echte vernieuwing ontbreekt

Bij de 23 inzendingen voor de Bernardine de Neeveprijs voor modern glas ligt de aandacht veelal op de individuele expressie.
Niet verwonderlijk,want aan academies,in musea en in galerieën ligt tegenwoordig een grote nadruk op het leren denken, op het vormen van concepten. Tegelijkertijd wordt het oefenen onderschat. Historische kennis en het volgen van voorbeelden liggen niet langer aan de basis van het ontwerpen, maar de eigen inzichten, individuele ideeën en een persoonlijke expressie staan voorop.
Met als resultaat dat de echte vernieuwing, namelijk die van het ambacht, van materialen en van technieken, ontbreekt.

Het waarderen van verandering en vernieuwing boven ervaring heeft zich ook sterk in de ontwerpwereld gemanifesteerd. Het zogenaamde out of the box-denken en innovatie staan hoger aangeschreven dan traditie, ambacht, materiaalkennis of onderhoud. De aandacht voor ervaring en ontwikkelingen op de langere termijn ontbreekt op deze manier. Ervaring is zelfs verdacht, omdat het gelijk staat aan vastgeroest zijn in oude gewoontes.
Die trend werd in de jaren '60 van de vorige eeuw in gang gezet. Het establishment veranderde van voorbeeld in vijand. Deze omwenteling is zo krachtig geweest dat we tot op de dag van vandaag de 'eeuwige jeugd' idealiseren en het 'ouder' worden vooral zien als een tekortkoming in plaats van de vergaring van wijsheid en ervaring. Waar de jeugd ooit gezien werd als een voorstadium van volwassenheid, kreeg vanaf het midden van de 20e eeuw de jeugd op allerlei manieren een belangrijke en zelfstandige rol toegedicht. Revolutionaire omwentelingen zoals de studentenopstand van mei 1968 en de flower power-beweging werden gedragen door de jeugd die zich afzette tegen de generatie van hun ouders. Ook de commercie ontdekte de jeugd als doelgroep, wat de verering van verjonging en vernieuwing verder versterkte.
Maar de generatiekloof waar de jaren '60 revolutie zich op baseerde, bestaat niet langer, want ook de oudere generatie is nu continue bezig zich eenzelfde radicaliteit aan te meten als de jongere generaties. Hiermee lijkt iedereen op hetzelfde niveau te opereren: puur op individuele basis, zoekend naar eigen ideeën, authenticiteit en een eigen stijl. Daarbij zorgde de omwenteling in de jaren '60 er ook voor dat alle autoriteit verdacht raakte, waardoor het onmogelijk werd om een autoritair hiërarchische structuur als het meester-leerling principe nog te handhaven. Zo werd de meester-leerling relatie doorbroken. En zo ontstond ook een overwaardering voor authenticiteit en eigenheid, zonder het langere traject van een ambacht, geleerd via de kennis van de meester en de geschiedenis van het vak.
 
 
 
Het probleem van versnippering
 
Als alle meningen dezelfde waarde hebben, wordt het moeilijk een geschiedenis van het vak te traceren waar iedereen het mee eens is. Er is vrijwel geen gemeenschappelijke taal meer en gezamenlijke referenties zijn nagenoeg verdwenen. Maar die gemeenschappelijke taal is wel nodig als je het vak wilt vernieuwen. Het voordeel van deze vrijheid is ook duidelijk: in plaats van binnen een strak omlijst kader te moeten ontwerpen, kunnen verschillende precedenten op losse wijze aan elkaar worden gekoppeld om zo tot iets nieuws te komen. Die vrijheid moeten we koesteren, want nieuwsgierigheid is immers fundamenteel aan ons bestaan. Maar zijn we nu, 50 jaar na de Summer of Love, niet vastgeroest geraakt in ons idee van vernieuwing? Draait de nadruk op vernieuwende concepten en op authenticiteit niet slechts om herkauwde ideeën, verpakt in steeds wolliger woorden? Vernieuwing is een holle frase geworden. Laten we de vernieuwing niet langer louter zoeken in het conceptuele, maar ook in de technieken en in de materialen, zodat het creëren weer echt ergens over gaat. Op deze manier kunnen ontwerpers en kunstenaars zich te midden van maatschappelijke ontwikkelingen plaatsen, zoals duurzaamheid en digitalisering, en een nieuwe relevantie opeisen. Laten we veel meer inzetten op het vernieuwen van het ambacht, zodat ook de techniek en de kennis meekomen in de 21e eeuw. Anders hebben we straks alleen nog een eindeloos in herhaling vallende reeks goede ideeën, in steeds gebrekkiger uitvoering.
 
Meer respect voor het experiment
 
Echte vernieuwing vraagt om een nieuwe open houding. Door te experimenteren zoek je als ontwerper of kunstenaar aansluiting bij de traditie, maar start je tegelijkertijd een zoektocht naar innovatieve oplossingen. Innovatie krijg je ook door toevallige processen te organiseren en verrassende uitkomsten toe te laten. Maar om te kunnen innoveren heb je wel een degelijke kennis nodig van materialen en technieken. En die kennis staat niet stil. Om ons heen veranderen industrieën met een ongelofelijke snelheid door ontwikkelingen op het gebied van robotica, kunstmatige intelligentie, nanotechnologie, quantum computing, biotechnologie en ga zo maar door. Of en hoe deze veranderingen zullen beklijven, weten we niet, maar het is wel noodzakelijk voor kunstenaars die met glas werken om hiervan op de hoogte te blijven en er een bijdrage aan te leveren.
Kunstenaars creëren vanuit hun ambachtelijke werk volop kansen voor innovaties, kijken anders naar dingen en zoeken andere oplossingen. De invloed van de ontwerper draagt bij aan het uitdagen van de industrie om grensverleggend te werken. Op deze manier plaatsen kunstenaars zichzelf te midden van de vernieuwing en niet erbuiten door alleen over concepten en persoonlijke expressie na te denken.
Wellicht een idee voor de verdere uitwerking van het Ledenobject voor 2018.
 
Han de Kluijver
Voorzitter jury Bernardine de Neeve-prijs 2018